maandag 29 september 2008

De inhoud van Vodcasts 3 tot en met 6

In de eerste twee vodcasts staat telkens een docent in de kijker. In vodcasts 3 tot en met 6 wil ik een ietsje andere koers varen. Het uitgangspunt blijft nog steeds docenten die andere docenten inspireren met slimme , handige en speelse ICT-toepassingen ter ondersteuning van het leerproces. Een vorm van good-practices. Waar in het verleden echter meestal niet of indirect van uit gegaan werd is de mening van studenten. Wat vinden studenten nu zelf goede, werkzame, speelse of handige ICT-toepassingen die hun helpen bij het leerproces?
Het idee is om studenten op de vijf locaties te video-interviewen en hun vragen te stellen over 4 aandachtspunten

  1. Communicatie. Op welke manier communiceren docenten en de organisatie met jou over de lesinhouden, wat er te gebeuren staat.

  2. Feedback. De manier waarop je als student feedback krijgt via de elektronische leeromgeving.

  3. Inrichting. De inrichting van de courses in Blackboard. Hoe vind je de sheets, literatuur en dergelijke terug die je nodig hebt voor je leerproces?

  4. Samenwerken. Op welke manier maak je gebruik van de elektronische leeromgeving om het samenwerkingsproces tussen jou en de leden van je subgroep te ondersteunen.


Vanuit de antwoorden van de geïnterviewde studenten bouwen we de vier vodcasts verder uit. We tonen de goede voorbeelden, de docenten en/of studenten die de good-practices ontwikkeld te hebben ook te video-interviewen en wat ons aan inspiratie wordt aangereikt.

Waarom dit andere uitgangspunt? De ervaring leert dat docenten heel weinig met elkaar overleggen over hun handige, speelse en slimme toepassingen. De autonomie van de docent is nog steeds een belangrijke waarde. In de naam van die autonomie worden er vaak niet of nauwelijks met elkaar gepraat over hoe je les geeft.
Slimme, handige en speelse toepassingen doorstaan vaak niet de tand des tijd. Een toepassing die goed werkte met 20 studenten kan niet goed werken met 150 studenten.
De verdere industrialisatie van het onderwijs is geen stimulans voor om veel nieuwe, speelse, handige en speelse zaken te bedenken.
En toch zijn er speelse, handige en slimme ICT-toepasingen die meerwaarde creëren voor het leerproces van studenten. Alleen komen studenten er mee in aanraking door de onderwijspraktijk. Met andere woorden zijn zij de ideale schakel om naar die speelse, handige en speelse zaken te zoeken.

Geen opmerkingen: